PLANTAARDIGE BASISZEEP
-
360 gram kokosolie
- 360 gram olijfolie
- 600 gram plantaardig vet
- 4,8 dl water (bij voorkeur gedestilleerd en op kamertemperatuur)
- 180 gram loog
Deze witte of gebroken witte zeep vormt een ideale basis om welke zeep dan ook met eigen toevoegingen te maken. Je kunt gerutjes, kleur, textuur inbrengende ingrediënten en praktisch alle andere additieven toevoegen zonder je zorgen te hoeven maken over aantasting van de reinigende en vochtvasthoudende eigenschappen. Olijfolie - rijk aan mineralen, proteïnen en vitamines - geeft een weldadige, weekmakende zeep die vol zeepbelletjes schuimt. De olie, berucht om zijn versnellende werking bij het uitharden en drogen van de zeep, is ook een uitstekende basis voor etherische of parfumoliën. Kokosolie, een geurloze olie die bij kamertemperatuur hard wordt, is een snel schuimend reinigingsmiddel dat snel door de huid wordt opgenomen. Plantaardig vet geeft de zeep volume en werkt goed bij het verzepingsproces. Je kunt de zeep verder een persoonlijk tintje geven door een van deze oliën door andere te vervangen, mits je de SAP-tabel raadpleegt (volgt later) om de hoeveelheid loog aan te passen.
-
Vet mallen in en zet ze weg. Doe kokos-, olijfolie en plantaardig vet in een grote, loog- en hittebestendige ketel. Verhit de vetten en roer regelmatig om de warmte te verdelen. Wanneer de oliën een temperatuur hebben bereikt tussen 36 en 37,8 graden C, zet je de ketel van de warmtebron af.
- Giet water in een loogbestendige kan, liefst een met een tuit.
- Meet met rubberhandschoenen aan en de veiligheidsbril op het loog af en giet dit langzaam in het water.
- Roer voortdurend maar langzaam met een roestvrijstalen of houten lepel tot al het loog volledig is opgelost.
- Wanneer het loog-watermengsel tussen 36 en 37,8 graden C is (dezelfde temperatuur als de vetten), giet je het loog-watermengsel onder af en toe roeren in de olie in een dunne, gelijkmatige straal.
- Blijf voortdurend langzaam roeren, maar niet te fanatiek. Er moeten zich geen luchtbellen in hte mengsel vormen - tenzij de zeep moet drijven.
- Na 10 tot 15 minuten moet het mengsel gaan trekken, wat betekent dat het van helder in ondoorzichtig is veranderd, dikker is geworden en dat de vloeistof wanneer je de lepel omhooghaalt, ervan afdruipt en een spoor op het oppervlak achterlaat. Als het zeepmengsel na 45 tot 60 minuten nog steeds niet trekt, moet je je maten opnieuw controlen.
- Nu is de zeep klaar om in de mallen te worden gegoten of geschept. Dek de mal af met plasticfolie (of met de deksel van de mal), leg er wat dekens of handdoeken op en zet ze op een tochtvrije plek. Laat 48 uur staan.
- Verwijder na 48 uur deksel en plasticfolie en keur de zeep: met rubberhandschoenen aan (het loog is immers nog uiterst bijtend) raak je zacht het oppervlak van de zeep aan. Als de zeep nog erg zacht is, laat je hem nog een dag en een nacht afgedekt staan. Als de zeep stevig aanvoelt (maar nog een afdruk achterlaat), haal je hem uit de mal, snijd hem in stukken, snijd uitsteeksels weg en leg alles op een droogrek, schoon hakblok of een stuk plasticfolie.
- Als je aparte mallen hebt gebruikt, moet je gewoon nog drie weken voordat de zeep volledig is gerijpt. Als je een grote mal hebt gebruikt en je de zeep in kleine stukken wilt snijden, controleer dan de zeep na ongeveer een week.
- Zodra de zeep is gesneden, leg je alle stukken op een droogrek, hakblok, stuk plasticfolie en laat je de zeep aan de lucht nog 2.1/2 week drogen tot de zeep heel hard aanvoelt. Schraap met een scherp mes, indien nodig, alle uitgekristalliseerd zout van het zeepstuk.
Je zeep is klaar voor gebruik!
Lees ook het artikel 'Koudbewerking'.
*
|