DE OORSPRONG VAN DE ZON EN DE MAAN

Lang geleden, voordat de wereld zijn huidige vorm had, leefde er een man in een kustdorpje. Hij had geen vrouw, maar wel een jongere zuster op wie hij verliefd was. 's Nachts, als zij de robbenolielamp in haar iglo doofde, merkte de zus steeds dat er een man naar binnen kwam, die vervolgens de liefde met haar bedreef. Ze kon in het donker niet zien wie de man was, maar ze was vastbesloten dat te ontdekken. Daarom doopte ze op een nacht haar vingers in het roet op de bodem van de lamp, voordat ze het licht uitdeed. Toen de man die avond weer kwam en met haar vrijde, smeerde ze zijn voorhoofd in met het roet.
De volgende dag ging ze op zoek naar de man en vond ze haar broer in het mannenhuis met lamproet op zijn voorhoofd. Het meisje was beschaamd en kwaad tegelijk. In een woedeaanval sneed ze een van haar borsten af en legde die op een schotel, die ze aan haar broer aanbood met de woorden: 'Aangezien je me zo graag wil, eet dit!'
Haar broer weigerde en ging haar achterna toen ze met de schotel wegrende. Al rennend pakte het meisje een stuk mos, dat ze aanstak. Haar broer deed hetzelfde. Het meisje rende steeds sneller, tot ze naar de hemel klom en de zon werd. Haar broer volgde haar, maar de vlam van zijn mos doofde tot een smeulend vuurtje en hij werd de maan.
Tot op heden wordt de zon nog steeds achtervolgd door de maan. Soms omhelzen ze elkaar, wat een zonsverduistering geeft. De zon verliest midden in de winter hoogte, maar wordt sterker en mooier in de lente en zomer, wat het verlangen van de maan naar haar alleen maar versterkt.
De maan heeft geen voedsel en neemt daardoor geleidelijk af, tot hij niet meer zichtbaar is. Maar dan biedt de zon de helpende hand en ze voedt hem met de borst die het meisje op de schotel had gelegd. Volgegeten gaat de man door met het najagen van de zon, die hem wederom laat verhongeren, voordat ze hem weer voedt.

mythen, legenden en verhalen
home