Gezegden


De gezegden zijn afkomstig uit diverse bronnen.

DE MOSTERD KRIEBELT HEM IN DE NEUS. / MOSTERD OP Z'N STAART HEBBEN. / VAN DE MOSTERD WETEN.
- Zich opwinden over iets.

DE MOSTERD SUIKEREN.
- Water bij de wijn doen.
- De scherpe kantjes afronden.

EEN MOSTERDZAADJE MOET MEN NIET OP ZIJN GROOTTE MAAR OP ZIJN SMAAK BEOORDELEN.
- Klein, maar dapper ...

EEN STEEN KAN GEEN MOSTERD MALEN.
- Waar een van de partijen zwijgt of toegeeft, is geen ruzie.

HAM (hesp) ZONDER MOSTERD IS GOED, MAAR HAM (hesp) MET MOSTERD IS BETER.
- 't Is goed, maar het zou beter kunnen.

HET IS MOSTERD NA DE MAALTIJD.
- Het hoeft niet meer, het is te laat.

HET RIEKT NAAR MOSTERD.
- Het is zeer prijzig.

HIJ EET ALLE DAGEN MOSTERD.
- Hij is stuurs, nors en/of viezig.

HIJ ZIET ERUIT ALS EEN BOER DIE MOSTERD HEEFT GEGETEN.
- De welbekende boer met kiespijn ...

IEMAND DOOR DE MOSTERD HALEN.
- Iemand scherp bekritiseren of de mantel uitvegen.
Zelf ken ik deze uitdrukking alleen in 't Fries*: Immen troch de moster fiterje (feugelje, giselje, helje) - Iemand flink aanpakken (inz. bij het leren van een vak).

Correctie 10-08-2005:
Het Friese 'troch de moster fiterje' heeft niet met 'mosterd' te maken. 'Moster' betekent hier 'brandstapel'. Als je iemand door de vlammen jaagt, dan oefen je erg veel druk op hem uit. Het woord 'moster' is verwant aan het Nederlandse 'mutsaard', dat in Vlaanderen nog wel wordt gebruikt voor brandstapel.
- Henk Wolf (Fryske Akademy) -
IEMAND OM MOSTERD STUREN.
- Iemand een overbodige boodschap of een vervelend karweitje laten doen.

't IS BETER HAM (hesp) ZONDER MOSTERD, DAN MOSTERD ZONDER HAM (hesp).
- Uit twee kwaden de minst kwade kiezen.

MEN ZOU EROP VERLIEVEN ALS EEN KAT OP EEN MOSTERDPOT.
- Een afkeer van iets hebben.

MOSTERD BIJ DE KAAS DOEN.
- Onverbloemd de waarheid zeggen.

MOSTERD ETEN DOET HOESTEN EN NIEZEN.
- De gevolgen dragen van ... (een teveel aan mosterd op de kaas/ham).

MOSTERD MALEN.
- Vitten over kleinigheden, kankeren.

NAAR EEN MOSTERDZAADJE DUIKEN.
- Naar een speld in een hooiberg zoeken.

WETEN WAAR ABRAHAM DE MOSTERD HAALT.
- Weten wat er in de wereld te koop is.
- Op de hoogte zijn van zijn zaak; er het fijne van weten.
De oorsprong van deze uitdrukking ligt volgens meerdere wetenschappers en taalkundigen in de bijbel, Gen. 22, vers 1-14, het verhaal van de offergave van Abraham. Het is maar de vraag of dat juist is, want er wordt slechts van een offergave gesproken en niet van iets wat op mosterd lijkt. De oorspronkelijke bijbeltekst zou echter geluid hebben: 'Waar haalt Abraham de mutsaard', wat takkenbos betekent en later vervormd zou zijn tot 'mustaard' en nog later tot 'mostaard'.
De uitdrukking kan ook ontleend zijn aan het Hoogduitse 'er weiß wo Barthel most holt'. Hier zou most later gewijzigd zijn in mosterd (mustert), een verbastering van het Jodenduitse 'moos', dat geld of iets zeer waardevols betekent. Barthel kan dan een variant van de naam Abraham zijn. Dit lijkt vergezocht, vooral omdat 'mosterd halen' vroeger een heel gewone boodschap was en men moest weten waar de goeie te koop was. Deze letterlijke betekenis leunt sterker aan bij het huidige gebruik van het gezegde en dat wordt bevestigd in tal van zegswijzen uit alle windstreken:
Ik will di wissen wâr Abram de Mustert mâlt - Duits dialect
Witte wêr't Bartele, Abraham de moster hellet - Fries*
Hij weet waar David de wortels gegrave het - Zuid-Afrikaans

ZICH DE EERSTE MOSTERDMAKER VAN DE PAUS WANEN.
Een hoge dunk van zichzelf hebben.

ZICH MOSTERD AAN DE BAARD LATEN SMEREN.
- Lichtgelovig zijn.

ZICH MOSTERD AAN IETS ETEN.
- Ergens (te) veel voor betalen.

ZO FIJN ALS GEMALEN MOSTERD.
- Zeer fijn.
- Ook: zeer christelijk.


* Het Fries kent meer uitdrukkingen waarin mosterd (moster) een rol speelt:
- Oan moster falle - te pletter, in gruzelementen vallen
- Der is safolle moster te meallen - er is zoveel drukte
- Dat is moster nei de mieltiid - dat komt te laat
- Ik haw gjin moster yn 'e eagen! - ik ben niet van gisteren!
- Te moster en te lôge, te leage gean - verloren gaan
- Wat dochst hjir te mostermeallen, gean derút! - zitten draaien, vervelen
- Der wat yn om mostermealle - niet opschieten met het werk
- Dat is in pearke foar it mosterstip - dat is een paartje dat heel sober zal moeten leven
- Ferhip yn 'e mosterstip! - loop naar de maan!
(bron: Frysk Wurdboek)


Ook het Stellingwerfs kent een aantal uitdrukkingen met mosterd. De meeste zijn gelijk aan die in het Nederlands of Fries, maar dan in het Stellingwerfs. Deze kende ik echter niet, terwijl hij uit Wolvega afkomstig is, waar mijn moeder geboren en getogen is:
- Ze hebben mosterd in de kelder - ze krijgen een kind en moeten dus trouwen
(uit het Stellingwarfs Woordeboek, het zou er in het Nederlands precies zo staan ...)
Uit Wolvega komt ook het werkwoord mosteren, dat 'zitten prevelen' betekent: Dat oolde wiefien het de hele dag bi'j de taofel zitten te mosteren.



meer mosterd | home