Apostellepels
De vrome gewoonte om de beeltenissen der twaalf apostelen op lepels te zetten, is al heel oud. Toen de thee in ons land nog niet bekend was, aten welgestelden al van zilveren apostel-eetlepels. Dit type lepel begon in de 19e eeuw te krimpen tot het formaat van een thee- of koffielepeltje. Nog steeds worden apostellepeltjes in sets van twaalf stuks vervaardigd. Uiteraard is de verrader Judas Iskariot, immers geen heilige, er niet bij. Na het verraad werd zijn plaats ingenomen door Sint-Matthias. Niet deze heilige maar Sint-Paulus als veertiende en laatste apostel, neemt op de lepeltjes de plaats van Judas in. De apostelen hebben uiterlijk maar één ding gemeen: ze werden altijd met blote voeten afgebeeld. Omdat ze op de lepeltjes vaak moeilijk herkenbaar zijn, volgt hier een beschrijving van de wijze waarop ze op de originele lepels werden voorgesteld:
1. Sint Petrus
Met de sleutels van het Rijk der Hemelen.
2. Sint Paulus Met evangelieboek en zwaard, omdat hij wegens zijn evangelieprediking werd onthoofd.
3. Sint Thomas Met meetlat en beurs. Hij kreeg volgens de legende geld van koning Gundaphar, die hem voor architect aanzag, om een groot paleis te bouwen. Sint Thomas wist de vorst te overtuigen dat het hemelse paleis meer waarde heeft. Hij gaf het geld aan de armen.
4. Sint Simon Met evangelieboek en zaag, omdat hij wegens zijn evangelie-prediking doormidden zou zijn gezaagd.
5. Sint Thaddeus Met evangelieboek en knuppel, omdat hij wegens zijn prediking zou zijn doodgeknuppeld.
6. Sint Filippus Met evangelieboek, slangen en bezweerdersfluit, omdat hij het evangelie predikte in Hiërápolis, waar de slag als heilig dier werd verafgood.
7. Sint Jakobus de Meerdere of de Oudere Met evangelieboek en pelgrimsstaf met een bedelnap eraan.
8. Sint Jakobus de Mindere of de Jongere Met evangelieboek en stamper van een lakenvolder, omdat hij door een lakenvolder met een stamper zou zijn doodgeslagen.
9. Sint Johannes Met één gave arm en een kelk. De gave arm, omdat hij de enige apostel is die niet de marteldood zou zijn gestorven. In kokende olie zou hij ongedeerd zijn gebleven. De kelk, omdat hij aan de borst van de Meester mocht rusten bij het Laatste Avondmaal toen Jezus de woorden sprak: 'Dit is de kelk van het Nieuwe Verbond.'
10. Sint Andreas Met het kruis waaraan hij gestorven zou zijn.
11. Sint Bartholomeus Met evangelieboek en het mes waarmee hij levend zou zijn gevild, wegens prediking van het evengelie.
12. Sint Mattheus Met het Mattheus-evangelie en het zwaard.
*
* De kat die * historisch * Nanny Ogg * streekgerechten * paddestoelen *
|