LEWIS CARROLLS SINAASAPPELJAM
Avonturen in Wonderland
Het konijnenhol liep eerst een eindje rechtuit, als een tunnel, en toen plotseling steil naar beneden, zo plotseling dat ze niet eens tijd had om stil te blijven staan; want voor zij daaraan kon denken, besefte ze dat ze door een diepe put naar beneden viel. Nu was óf de put heel diep, óf ze viel erg langzaam, want zij had onder het vallen ruimschoots tijd om om zich heen te kijken en zich af te vragen wat er verder zou gebeuren. Eerst probeerde zij naar beneden te kijken om uit te maken waar zij eigenlijk heenging, maar het was te donker om iets te zien; toen keek zij naar de zijmuren van de put en merkte dat deze vol waren met kasten en boekenplanken; hier en daar zag zij kaarten en platen aan krammen hangen. Zij nam een pot van een van de planken, waar zij langs viel; op het etiket stond "Sinaasappeljam", maar tot haar grote teleurstelling was de pot leeg. Zij wilde deze niet laten vallen, want zij was bang dat iemand daardoor getroffen kon worden en dus zette zij hem met veel moeite in een van de ksten. 'Nu,' dacht Alice, 'na zo'n val zal ik er niets meer om geven als ik van de trappen rol. Wat zullen ze me thuis allemaal flink vinden! En trouwens, ik zou er niet eens wat van zeggen als ik van het dak viel!' (wat zeer waarschijnlijk was).
2 pond sinaasappelen met dunne schil 2 kleine citroenen 3.1/2 liter water 6 pond witte suiker 1 theelepeltje zout 15 gram donkere stroop
1. Was de sinaasappelen en citroenen en snijd ze in tweeën.
2. Pers ze uit, verwijder de pitten en eventuele vliezen.
3. Snijd de schillen met een scherp mes in de gewenste dikte, van fliederdun tot behoorlijk dik.
4. Doe de schillen en het sap in een grote pan, giet het water er op en laat alles een nacht staan.
5. Kook het mengsel de volgende ochtend in de open pan, tot de schillen zacht zijn en het vocht tot ongeveerde twee-derde is ingedampt. Dit duurt anderhalf tot twee uur op een lage vlam.
6. Voeg zout, suiker en stroop toe en roer tot alles goed is opgelost en gemengd.
7. Zet de vlam hoger en laat de jam al roerend hard koken tot ze begint te geleren. Probeer of ze dik genoeg is door een druppel op een koud bord te laten vallen. Als die niet uitvloeit, is de jam dik genoeg.
8. De gegeven hoeveelheden zijn voldoende voor ongeveer tien potjes jam. Zorg dat die goed schoon zijn en maak ze warm. Schep kokende jam in de potjes, vul ze tot de bovenste rand.
9. Dek de potjes, terwijl de jam nog heet is, af met perkament-papier en strijk dit goed glad om luchtblazen te voorkomen. Bind het perkament vast met dun touw. De afsluiting kan ook geschieden met vloeibare paraffine.
10. Laat alles afkoelen; gebruik de jam in geen geval voor de volgende dag.
11. Zorg dat witte konijnen er niet bij kunnen komen.